Als aanraking een schaars goed wordt

‘Het dataïsme is als een kindsterretje dat binnen no time een plek heeft veroverd op podia en in huishoudens over de hele wereld. Nog altijd minderjarig, is het larger than life.’ Een zin uit de voorpublicatie van het boek Frictie – Ethiek in tijden van dataïsme van Miriam Rasch. Rasch wil antwoord geven op de vraag wat het betekent als er van het geloof wordt uitgegaan – dataïsme – dat alles in de wereld in data te vangen is.

Een heftig uitgangspunt, maar een terechte visie, met onze verslaving aan data die steeds grotere vormen aanneemt. We zetten het in als religie, als wetenschap en als argument om een debat naar de hand te zetten. En ook als verslaving, want data is dopamine. Honderd likes is beter dan één like, dus scannen we Instagram-analytics en LinkedIn-rapportages om enthousiasme, interesse en mededogen van volgers in toekomstige posts nog beter te converteren in een grotere digitale populariteit. Geen data, geen dopamine.

Alles is te vertalen in digitale data, hetgeen tot dataficatie leidt, stelt Rasch. Maar kunnen ook aanwijsbare, tastbare dingen zoals gevoelens en voorkeuren gekwantificeerd worden? Ja, stelt ze, want je kan bijvoorbeeld heel erg verliefd zijn, of minder, waardoor gevoelens een gradatie krijgen en hierdoor kwantitatief worden.

Wat als we gewend raken aan het vertalen van emoties in datapunten en getallen?

Wat als we gewend raken aan het vertalen van emoties in datapunten en getallen? Een aanraking is een fysieke vertaling van een intern gevoel, maar omdat we er geen datapunt aan geven, niet minder van waarde. Kan een offline ‘like’, een fysieke aanraking, dan ook dalen en stijgen in waarde? Nu aanrakingen schaars zijn in lockdown-tijden, worden ze kostbaarder, maar is het nodig om ze te vertalen in getallen en er een gradatie aan te hangen, vraag ik me af?

Ik waan me in 2025. Ik vul de Covid-21 tracing app in, het coronavirus is inmiddels twee keer gemuteerd, en ik moet een vlucht halen. Bij de douane noteer ik het aantal aanrakingen dat ik vandaag heb gegeven en ontvangen. Deze maand mag ik nog tien handen schudden van onbekenden, twee knuffels geven en een vrijpartij met een en dezelfde partner hebben, voordat ik aan mijn max zit. Ik klik een advertentie weg: ‘Bedenk goed, wat je met je laatste aanraking doet’ en een banner van het RIVM ‘Zet tienduizend stappen per dag, maar knuffel met mate.’

Als ik me goed gedraag en vrij van Covid-21 ben, dan mag ik naar het volgende level, en dan krijg ik een top-up met extra features zoals een vlucht binnen de EU of naar een restaurant zonder te reserveren.

Wat een nachtmerrie, deze manier van gamificatie en dataficatie die op deze manier onze fysieke contacten meetbaar maakt en surveilleert. Alles in de wereld is in data te vangen, maar de vraag is of we dat willen.

Verschenen in het Financieele Dagblad op 23 mei, 2020